Dochters

Tekst: John Ewbank
Muziek: John Ewbank
Uitvoering: Marco Borsato

Nieuwe Klassiekers

Dit interview is verschenen in de bundel Nieuwe Klassiekers. Hierin staan 21 verhalen over 21 liedjes met eeuwigheidswaarde. De bundel is te koop voor € 12,50 (incl. vezendkosten). Bestellen kan per mail.

“Dochters is voor veel mensen zó herkenbaar. Bedenk alleen maar dat iedere vrouw de dochter van iemand is. Tieners hebben er misschien iets minder mee, maar wacht maar… Over tien jaar hebben ook zij kinderen, en horen zij dán dit lied op de radio, bam! Dan komt het ook bij hen keihard binnen.” Ook Marco Borsato zelf raakte ontroerd door het lied dat John Ewbank voor hem schreef.

‘DAT DIT LIED VOORAL MANNEN RAAKT VIND IK SUPERCOOL’

Een tijdloos lied over papa’s kleine meissie

Marco: “John en ik zijn twee totaal verschillende mensen. Hij is introvert en heeft weinig behoefte om op de voorgrond te treden. In onze samenwerking ben ik de voorkant en is hij de achterkant. Maar onze band kent ook een paar stevige, gemeenschappelijke pijlers. Muziek is er een van. Daarnaast is John net als ik een gevoelsmens. De overeenkomsten binden ons en in de verschillen zijn we complementair.”

John: “Als het gaat om verliefdheden, trouwen, kinderen krijgen en het vieren van successen in de muziek, hebben wij grotendeels hetzelfde meegemaakt. Ik kan mij daarom voor het schrijven van liedjes laten inspireren door mijn eigen leven en dan nog kan Marco ze zingen. Het lied Dochters is daar een heel goed voorbeeld van. Ik schreef het en dacht aan mijn eigen dochter, maar wist tegelijkertijd dat Marco zichzelf er ook in zou herkennen.”

Marco: “John heeft in de loop der tijd voor heel veel mensen geschreven, maar hij heeft er ook altijd meerwaarde in gezien om mij de spreekbuis te laten zijn voor zijn gevoel. Dat is een taak die ik serieus neem. En John neemt mij serieus. Zeker in het begin moest ik mijn geduld nog wel eens bewaren als het om zijn creatieve proces ging. Maar nu staat hij mij steeds meer toe hem te beïnvloeden en aan te jagen. Dan zijn er dagen dat hij mij stukken voorspeelt op de piano, waar ik op aansla en waarop hij weer voortborduurt. En doordat John goed weet wat mij in mijn dagelijks leven bezighoudt, vindt ook dat uiteindelijk via hem zijn weg in de muziek.”

Kabbelend liedje
John: “Dochters heb ik geschreven in de zomer van 2008, terwijl Marco in Afrika opnames maakte voor de film Wit licht. Het was mijn opdracht om liedjes te schrijven, die pasten bij de thema’s uit die film. Dat was nog best lastig. Om Marco bij terugkomst toch meerdere nummers te kunnen laten horen, heb ik uiteindelijk toch maar weer mijn toevlucht gezocht in wat ik zelf meemaakte. Het zien opgroeien van mijn dochter leidde ertoe dat ik vrij lukraak de eerste regels van Dochters opschreef. Het was buiten de opdracht en voor mij niet meer dan een kabbelend liedje; een vertellinkje over het opgroeien van je kind. Ik ontdekte later pas welk effect het lied had.”

Marco: “Ik herinner me nog het moment waarop ik voor de eerste keer de tekst van Dochters las. John zei dat hij iets geschreven had, waar ik maar even naar moest kijken. Het zou naar zijn idee weergeven wat wij voelen voor onze meisjes. Ik las zijn woorden en dacht meteen: ‘Shit, help, help… Dit gaat over mijn kleine Jada, dit gaat over Johns kleine Day’. Zo’n tekst raakt je.”

“Om me zo min mogelijk te laten afleiden door de omgeving, heb ik voor de opnames alle lichten in de studio gedimd. Daarna heb ik het lied heel dicht op de microfoon zo eerlijk en zo transparant mogelijk gezongen. Aan het eind van de dag heb ik thuis laten horen wat we die dag hadden opgenomen. En ja, toen schoot ik vol.”

Volwassen kerels
John: “Bij de opnames van Dochters waren we nog helemaal niet van plan om het als single uit te brengen. We voelden daardoor ook helemaal geen druk. Het was een albumstuk en vooral een leuk lied in relatie tot onze eigen dochters. Dat het uiteindelijk zoveel mensen aanspreekt en in dit geval vooral mannen raakt, vind ik echt supercool.”

Marco: “Hoeveel mensen ik bij de concerten geen traantje heb zien wegpinken… En het zijn juist de volwassen kerels met plakplaatjes op hun armen en schouders, die zoiets hebben van ‘hé, dit gaat over mijn meissie’. En wanneer ik dan een ouder echtpaar in elkaar zie kruipen bij het horen van dit lied, of ik zie een vader met vochtige ogen met zijn dochtertje op de schouders, dan weet ik wel dat we een heel bijzonder nummer gemaakt hebben. Het is een lied waar inmiddels heel veel mensen hun eigen verhaal en hun eigen herinneringen bij hebben. En het allermooiste is: het is tijdloos. Over tien jaar is er weer een nieuwe generatie vaders. En ook zij zullen zichzelf en hun dochters er dan in herkennen. Ik weet het zeker!”

DROMEN ZIJN BEDROG

John: “Onze eerste ontmoeting was in 1990 na afloop van het Nationaal Songfestival. Ik had een liedje ingezonden en Marco zat in het publiek. Hij had net aan de Soundmixshow meegedaan en was door naar de finale daarvan. Een paar weken later won hij die. Omdat hij enthousiast was over mijn lied, vroeg hij me of ik nog meer liedjes had liggen.”

Marco: “Om werk van John te luisteren, ben ik kort daarna bij hem langsgegaan in Zoetermeer. Hij woonde daar heel studentikoos op een klein kamertje met een eenpersoonsbed en heel veel troep. Omdat het zo’n bende was ben ik voor hem gaan afwassen, terwijl hij zocht naar de liedjes die hij mij wilde laten horen.”

John: “De eerste liedjes die ik voor Marco schreef waren Engelstalig en staan op zijn allereerste album. Op de albums daarna zong Marco alleen in het Italiaans. Daar heb ik niet aan meegewerkt. Op het moment dat Marco en zijn platenmaatschappij besloten om een Nederlandstalig album te gaan maken, hebben ze gevraagd of ik die plaat wilde produceren. Dat werd Dromen zijn bedrog.”

Marco: “De zeggingskracht van die eerste Nederlandstalige liedjes en de manier van produceren van John sloten prima aan bij het tijdsbeeld van toen. Als ik nu naar Dromen zijn bedrog luister, hoor ik een gedateerd nummer. Liedjes van daarna zijn veel tijdlozer. Dochters dus ook.”