Inspiratie
Inspiratie

Inspiratie

‘DIT LIED MOET JE HEEL ZACHTJES ZINGEN’

Mathilde Santing bezingt hoe het er tussen hemel en aarde aan toegaat

Door Daan Bartels

Koen van Dijk en Ad van Dijk (geen familie) reizen in 1993 samen naar New York. Daar gaat dat najaar hun eerste grote musicalproductie Cyrano in première op Broadway. In het vliegtuig legt Koen een aantal nieuwe ideeën voor aan Ad, waaronder het plan om een musical te schrijven naar de film A guy named Joe. Vier jaar later gaat in Amsterdam Joe, De Musical in première met Mathilde Santing in de rol van verbindingsofficier.

Koen: “De connectie tussen Ad en mij is gelegd door Frank Sanders. Aan hem vertelde ik dat ik zin had om een nieuwe musical te schrijven. Hij wees mij toen op Ad, hun repetitor.”

Ad: “Ik heb veel musicals van Jos Brink en Frank Sanders gedaan. Maskerade, Max Havelaar, enzovoort. Mijn rol was het muzikaal begeleiden van de repetities, maar Frank wist dat ik ook componeerde.”

Koen: “Het eerste dat ik Ad vroeg was muziek te maken voor een lied voor een solovoorstelling van Bas Groenenberg. Ik schreef daar teksten voor en wilde voor ieder lied een andere componist vragen. Maar dat vond Ad onzin.”

Ad: “Ik wilde het best doen, maar dan ook alle liedjes. Dat gedoe met al die andere mensen… Na het werken aan die voorstelling van Bas, hebben we vrij snel een start gemaakt met Cyrano. Daarna kwam Joe.”

Koen: “De oorsprong van Joe is een film uit de jaren veertig. A guy named Joe, heet die. Dat komt van een uitdrukking die ik aanvankelijk niet kende: he’s a good guy, he’s a guy named Joe. Ik had een van de vele remakes daarvan gezien en heb in New York alle videotheken afgestruind om het origineel te bemachtigen. Dat origineel vond ik toen het sterkst, daarom werd dát de basis van het musicalscript.”

Ad: “Koen had nog wel meer ideeën, maar ik koos meteen voor Joe. Dat was vanwege het tijdsbeeld. We hadden Cyrano gedaan en daarmee was ik als componist toch beperkt. Muzikaal kom je al snel in de klassieke hoek terecht, waar ik met Joe juist de breedte in kon gaan. Het gaf ruimte om meer jazzmuziek te schrijven, die je kunt uitvoeren met een bigband. Zo heb ik aardig wat blazers in de orkestbak kunnen plaatsen.”

Koen: “In het script stonden letterlijk pijlen gericht op de plek waar het lied Inspiratie is gekomen. Het gaat om het moment waarin Joe tussen hemel en aarde wordt toegesproken door de verbindingsofficier, een soort engel. Zij geeft uitleg over hoe het er na de dood aan toegaat. Ik moest op dat punt heel veel uitleggen en schreef een tekst met als titel Iedereen die ooit gedroomd heeft van vleugels. Nou, dat zegt al genoeg: het lied was te lang en veel te ingewikkeld.”

Ad: “Onze werkregel was eigenlijk dat als we gevoel wilden overbrengen, dat ik dan met de muziek begon. Maar als we een lied als informatiedrager nodig hadden, dan schreef Koen eerst de tekst. Ondanks dat kreeg ik voor Inspiratie alleen een korte zin: ‘Inspiratie, adem van de geest’. Dat is het refrein geworden, zou je kunnen zeggen. Het couplet is bij mij gestart. Ik denk dat ik in totaal een uur aan het nummer gewerkt heb.”

Koen: “In het woord inspiratie kun je het Latijnse ‘espirare’ horen. Dat betekent uitademen. Maar er zit ook het Franse ‘esprit’ in: geest. ‘Inspiratie, adem van de geest’ vond ik daarom een mooie zin, waar ik wel iets mee kon. Toen kwam de muziek van Ad. Zijn melodieën zijn nooit regelmatig: op de een of andere manier zit er altijd een ongebruikelijke afwisseling van korte en lange zinnen in. Daarbij komt dat het couplet van Inspiratie met een lange toon begint en als ik het aantal tekstregels telde dat ik erop kon schrijven, kwam ik aan een oneven aantal. Daarom startte ik met het bepalen van de plaats van de rijmwoorden. Als oplossing voor de puzzel die voor mij lag, verzon ik dat het eerste lang aangehouden woord zou moeten rijmen op het laatste woord van het couplet. Dat puzzelen is leuk, maar kostte me uren. Ik had dus wel wat langer nodig dan dat uurtje van Ad.”

Ad: “En dan de uitvoering… Mathilde zong het geweldig!”

Koen: “Joe is door recensies vooral de boeken in gegaan als de musical waarvan het verhaal verzoop in het spektakel. Helaas was dat ook waar. Toch schuilt daarin wel gedeeltelijk het succes van het lied Inspiratie. Horen en zien vergingen je namelijk in de eerste dertig minuten van het stuk. Het publiek dat dat, én het neerstorten van het vliegtuig van Joe had overleefd, zat daarna als omvergeblazen in de zaal. En dan verschijnt daar Mathilde Santing als verbindingsofficier, die heel beheerst en prachtig dat lied zingt. Nou ja, een groter contrast is niet denkbaar. Dat nummer viel zo op. Het werd de hit van de musical.”

Ad: “Als componist heb je altijd in je hoofd hoe een nummer bij de uiteindelijke uitvoering moet klinken. Je hoopt dan dat een vertolker daarbij in de buurt komt. Meestal is dat niet zo. Maar toegegeven, Mathilde ging daar zelfs aan voorbij. Zij heeft echt iets toegevoegd door de manier waarop zij het zingt. En dat had ze al te pakken bij de auditie.”

Koen: “De auditie van Mathilde, die was gewoon verpletterend. Ze kwam binnen met een heel klein boekje, waarin zij de tekst had genoteerd. Toen we haar vroegen bij de piano te gaan staan om ons voor te zingen, zei ze dat dat niet nodig was. Ze ging op een meter voor ons staan en heeft het hele lied fluisterend zacht gezongen, waar al haar tegenkandidaten juist hun volume in de strijd gooiden. Direct daarna zei Mathilde: ‘Stel nou dat ik die rol krijg, dan wil ik hem zingen met een beugelmicrofoontje voor mijn mond. Want ik vind dat dit lied heel zachtjes gezongen moet worden. Anders lukt dat niet.’ Het was voor ons geen enkel probleem om die wens in te willigen.”